Door: Ruby Nefkens voor 'Meubel' op 19 maart 2007

Advocaatkosten vergoed (2)

Amsterdam, 19 maart 2007

In mijn column in juli 2006 schreef ik over een ‘aardverschuiving' op het gebied van de kostenveroordelingen in procedures. Wanneer een procedure wordt gevoerd op het gebied van intellectuele eigndomsrechten (IE-rechten), te weten merkrecht, modelrecht, auteursrecht en octrooirecht, dan kan de betaling van alle gemaakte kosten worden gevorderd. Dit is nu al vele malen toegewezen, waarbij hoge bedragen, mits maar te verantwoorden. Voorheen kon dit niet en werden de proceskostenvergoedingen die werden toegewezen gebaseerd op een vast tarief, het zogenaamde liquidatietarief. Veelal dekte deze vergoeding volstrekt niet de werkelijk gemaakte kosten, waaronder de kosten van de eigen advocaat.

Is deze nieuwe regel nu ook toe te passen in andere procedures? Het lijkt erop dat dit mogelijk is. In de uitspraak van het Gerechtshof te Arnhem op 27 februari jl. in de zaak tussen Vacansoleil Camping Holidays tegen Campingholidays-vvo Nederland.nl heeft het Gerechtshof de door de winnende partij gemaakte kosten volledig toegewezen. Het Gerechtshof oordeelt als volgt:

Gelet op de verstreken uiterste datum voor implementatie van de richtlijnbepalingen, 29 april 2006, en het gegeven dat het Nederlandse recht geen dwingende voorschriften bevat die tot toepassing van het zogeheten liquidatietarief dwingen, komen in een geding als het onderhavige alle ‘redelijke en evenredige gerechtskosten en andere kosten die de in het gelijk gestelde partij heeft gemaakt' voor vergoeding in aanmerking. Wat bedoelt het Gerechtshof met de implementatie van de richtlijnbepalingen? Kort gezegd komt het erop neer dat de Nederlandse wetgever bepalingen uit de Richtlijn Handhaving IE - rechten had moeten omzetten in Nederlandse wetgeving. Dit heeft zij niet tijdig gedaan en daarom kan een rechtstreeks beroep op de bepalingen worden gedaan. Het curieuze van deze zaak is dat deze zaak op basis van handelsnaamrechten is gevoerd en de handelsnaam strikt genomen niet onder de IE-rechten valt. Gelet op deze uitspraak maar ook op basis van de formulering van de Nederlandse wet, artikel 237 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, is niet ondenkbaar dat ook in niet IE-procedures een volledige kostenvergoeding aan de winnende partij kan worden toegewezen. Het wordt tijd voor een proefprocedure!

Ruby Nefkens, Advocate bij Van der Steenhoven Advocaten te Amsterdam

Aan de samenstelling en inhoud van dit artikel is de meeste zorg besteed. Ruby Nefkens en Van der Steenhoven advocaten aanvaarden geen verantwoordelijkheid ten aanzien van op basis van dit artikel genomen beslissingen, tenzij zij vooraf in concrete gevallen zijn geraadpleegd.