Door: Ruby Nefkens voor 'Meubel' op 20 juni 2011

Modernisering Auteurswet

Vorig jaar is een Voorontwerp voor een belangrijke wijziging van de Auteurswet gepubliceerd voor commentaar. Vele instellingen hebben daarop commentaar geleverd, waaronder een Commissie auteursrecht waarin ik zitting had. Doel van de voorgenomen wijziging is auteurs meer rechten te geven en een betere onderhandelingspositie. Onder 'auteurs' wordt ieder verstaan die een (creatief) werk maakt. Wat onder een werk wordt verstaan staat in de Auteurswet. Voor wat betreft de interieurbranche moet dan vooral gedacht worden aan de vormgeving van gebruiksvoorwerpen die in de branche verkocht worden.  Dit kan bijvoorbeeld een zitmeubel zijn, maar ook een boekenkast, behang of een vaas. 

De belangrijkste pijlers van de voorgestelde wijziging van de Auteurswet zijn (1) het verbod tot overdracht van auteursrecht en (2) een tussentijds opzegbare gebruikslicentie, te weten na vijf jaar.

1. het verbod tot overdracht van auteursrecht is zeer verstrekkend. De maker behoudt daarbij te allen tijde zijn auteursrecht. Het op de markt brengen van het werk kan dan alleen met een exclusieve licentie van de maker.

2. De maker krijgt daarbij bovendien het recht om deze exclusieve licentie na vijf jaar op te zeggen zonder opgave van redenen. 

Wij hebben tegen beide voorgenomen bepalingen stevig geprotesteerd. Zowel voor de licentienemer, in de meeste gevallen de fabrikant, als voor de licentiegever - de maker van het werk -, zijn dergelijke bepalingen beslist geen verbetering. Met name de opzegbaarheid van de licentie na vijf jaar is een regel die niet goed doordacht is. Wellicht bij seizoensartikelen geen probleem, maar bij producten die langer meegaan, duurder zijn en waarbij naast R&D ook hoge marketingkosten worden gemaakt, leidt dit niet per definitie tot een gunstiger positie van de maker. 

Of deze nieuwe regels - desondanks - zouden worden overgenomen in een wetsvoorstel was lange tijd onduidelijk.

In een speech op 17 juni jl. voor de freelancers van de Nederlandse Journalisten Vereniging heeft staatssecretaris Fred Teeven een tip van de sluier opgelicht. Ten eerste zei hij dat hij tempo ging maken. Het had te lang stilgelegen. Deze zomer gaat zijn wetsvoorstel naar de Raad van State. Ten tweede zei hij expliciet dat hij voornoemde twee punten niet zou overnemen. Beide gaan te ver, aldus Teeven. De balans tussen de diverse belangen was niet in evenwicht.  De makers zouden hierdoor teveel bevoordeeld worden. 

Het wetsvoorstel van Teeven zal wel een aantal bepalingen bevatten die het de maker makkelijker maken meer invloed uit te oefenen op een gezonde exploitatie van zijn werk.  Dat is wat mij betreft een goede ontwikkeling omdat de maker in de meeste gevallen een zwakkere onderhandelingspositie heeft. 

Ruby Nefkens, nefkens@vandersteenhoven.nl 

 

 

Aan de samenstelling en inhoud van dit artikel is de meeste zorg besteed. Ruby Nefkens en Van der Steenhoven advocaten aanvaarden geen verantwoordelijkheid ten aanzien van op basis van dit artikel genomen beslissingen, tenzij zij vooraf in concrete gevallen zijn geraadpleegd.