Door: Jan van der Steenhoven op 7 september 2009

Van der Steenhoven advocaten 25 jaar: een eerste terugblik

Over toeval en een markante cliënt

Toeval?

Inmiddels 30 jaar geleden mocht ik onder trompetgeschal van de huidige directeur van Schouwburg/Concertgebouw Haarlem mijn rechtenbul in ontvangst nemen. Dat heugelijke feit vierde de familie met mij tijdens een diner in een restaurant aan de Prinsengracht  999 dat toen "Les Trois Neufs" heette. Gisteren genoten wij in de beurs van Berlage van het Requiem van Verdi , in het bijzonder van het trompetgeschal van Sjef Bartels (zie de vorige "Week van..." ), die daarmee op passende wijze de week inluidde waarin wij het 25 jarig bestaan op 9.9.9 vieren met een groot aantal relaties. 

Toeval bestaat niet, markante cliënten wel, aan wie je onwillekeurig denkt bij zo'n gelegenheid.

Al op mijn oude kantoor stond ik als jong advocaatje - en hoe jong moest ik vaak horen - de autodealer Peter bij. Hij ging mee toen wij ons kantoor startten; het oude kantoor vond het wel best want die stonden inmiddels de importeur van deze dealer bij. Peter was de vleesgeworden opponent van het adagium " Een slechte schikking is beter dan een gewonnen proces", dat ons advocaten van jongs af aan wordt voorgehouden. Liever betaalde hij zijn advocaat voor een verloren gevecht dan toe te geven. Hij had in de jaren '20 de Handelsschool doorlopen en een onderdeeltje Recht gehad dat hem altijd bij was gebleven, het Bref Délai, iets waarin de meeste advocaten van nu allang niet meer herkennen wat het is: het kort geding. Te pas en te onpas belde hij op en vroeg met zijn kenmerkende hese stem :"Kan het niet met een Bref Délai meneer Steenhoven?", want ook daarin was hij, hoewel altijd beleefd, kort. Dat kon dus meestal niet. Zijn grootste zaak duurde jaren en betrof het geschil met zijn broer Chris. Dat zat zo:

Chris en Peter waren de twee overgebleven vennoten die de zaak van hun vader overgenomen hadden. Eerst had Chris Peter, die met de Belgische Camille in tweede echt gehuwd was, naar het zuiden verbannen. Veel bannelingen willen  terug en zo ook Peter, die van een moment van fysieke zwakte van zijn broer gebruik gemaakt had om het roer in de garage in Amsterdam weer over te nemen en dat niet meer af te staan. Een jarenlange strijd voor arbiters was het gevolg met Peter , inmiddels al ver over de 67 ,ja ja, als "winnaar". De strijd hield hem levend, of zoals hij vaak zei: "Meneer Steenhoven, de seniliteit begint waar de groei ophoudt!" , meestal om aan te geven dat hij een tegenstander ondanks zijn leeftijd wel te slim af zou zijn. De laatste strijd verloor hij, zoals iedereen, en ik sprak op zijn begrafenis, mede namens zijn vrouw, die niet op de begrafenis aanwezig was, omdat dat in België gebruikelijk zou zijn. Zijn kinderen uit het eerste huwelijk en andere aanwezigen trokken dat argument in twijfel en eerlijk gezegd, hoewel ik het respecteerde, ik ook: de verhouding met de kinderen was ronduit slecht. Totdat ik deze zomer de novelle "Een ontgoocheling" van Willem Elsschot te lezen kreeg waarin Kareltjes moeder om de zelfde reden, volgens gebruik, verstek laat gaan bij de ter aardebestelling van zijn vader. Begrafenissen waren voor Camille  mannenzaken, en volgens Belgisch gebruik had zij dus gelijk. Kennelijk was ik toen toch te jong om dat leren , maar ook hier geldt, beter laat dan nooit. Op 9.9.9 zal ik in stilte ook een toast op Peter en Camille uitbrengen die ons de eerste 15 jaar het vertrouwen gaven waar veel jonge advocaten alleen van kunnen dromen.

jan@vandersteenhoven.nl

Overzicht van bijdragen van deze week...