Door: Sjef Bartels op 1 april 2010

Parnas

Parnas

Sinds wij (de Van der Steenhoven advocaten-advocaten) met elkaar hebben afgesproken dat wij bij toerbeurt onze wekelijkse belevenissen in een blog bijhouden, val ik steeds met mijn neus in de boter. De vorige keer dat blogde, was ik in Italië voor een concertreis. Dat leverde mooie verhalen op (al zeg ik het zelf). Dit keer heb ik een gewone werkweek, maar wel een waarin ik voor het eerst sinds mijn 9-jarig bestaan als advocaat een kort geding had, namelijk vanochtend. Spannend dus, maar het ging goed. De zaak die ik verdedigde was dan ook vrij sterk, zeker geen up hill battle!

Het betreden van de rechtbank Amsterdam vind ik altijd een speciale ervaring. De rechtbank is gevestigd in het Gebouw Parnas, vernoemd uiteraard naar de Parnassusweg waaraan het ligt. De weg is op haar beurt trouwens vernoemd naar de Griekse berg Parnassus, bekend uit de Griekse mythologie als de berg waar de muzen huisden. Parnassus is overigens synoniem voor dichtkunst. Zo heeft Joost van den Vondel het over "Den Hollandschen Parnas" als hij over een bekende dichter uit zijn tijd schrijft (waar Google al niet goed voor is).

Enfin, de speciale ervaring waar ik het over heb, heeft niets met dichtkunst of de oude Grieken te maken, maar met het feit dat het gebouw een zeker gezag, een zekere redelijkheid ademt. Niet de buitenkant, maar als je binnen bent. Wellicht dat er door de aanwezigheid van zoveel magistratelijkheid een soort wasem van rechtvaardigheid en redelijkheid hangt. Een wasem die zelfs advocaten lijkt te bedwelmen. Zo gebeurde het dat ik een broodje wilde bestellen bij het kioskje - de zitting begon rond lunchtijd - en dat ik merkte dat ik geen geld op zak had. De verkoopster vertelde me dat ik niet kon pinnen, dus ik legde het broodje alweer terug. Maar terwijl ik me verontschuldigend van de balie afwendde, werd ik door een vakgenoot (ik heb een hekel aan het archaïsche confrère) op de rug getikt die mij aanbood mijn broodje en kop thee te betalen. Ik dankte hem hartelijk en vroeg om zijn naam en rekeningnummer, zodat ik hem kon terugbetalen. Zijn naam gaf hij, zijn nummer niet. "Wij komen elkaar vast nog wel eens tegen", was zijn reactie en liep weg.

Noem het hoffelijkheid, noem het beleefdheid, maar ik zeg u: het is de geest van Parnas!

Sjef Bartels, bartels@vandersteenhoven.nl

Overzicht van bijdragen van deze week...