Door: Rutger Loos op 14 juni 2010
Gedragscode twitterende voetballers en werknemers
Een aantal spelers van Oranje speelt een spelletje op PlayStation. Via een webcam en een link naar Youtube is dit te volgen op het internet. Een van hen roept een heel lelijk woord en het eerste WK-relletje is een feit. Het roept herinneringen op aan het woord dat viel in een discussie tussen een oud-burgemeester van Amsterdam en een wannabe burgemeester van Amsterdam enkele jaren geleden, maar dan anders. Naar aanleiding van dit twitter-incident heeft bondscoach Van Marwijk een algemeen twitter-verbod ingevoerd tijdens het WK. Nu nog een Yolanthe-verbod en ik ga ook serieus geloven in de kansen van Nederland op dit WK.
Net als Van Marwijk hebben veel werkgevers te maken met de gevaren van het gebruik van internet door werknemers. Bijna iedere werknemer 'zit op' Facebook, Hyves, LinkedIn of Twitter tegenwoordig. Ook in de tijd van de baas. Hierdoor gaat kostbare werktijd verloren. Het voorkomen van buitensporig privé-gebruik van internet en e-mail is één goede reden voor werkgevers om een gedragscode in te voeren voor het gebruik van internet en e-mail. Een andere goede reden is het beschermen van de goede naam van de werkgever of personen die hier werkzaam zijn. Als werkgever wil je bijvoorbeeld niet dat een werknemer op een weblog zijn gal spuwt over zijn leidinggevende of zijn werkgever, terwijl voor iedereen die dit kan lezen duidelijk is om wie het gaat. Of dat een werknemer gevoelige bedrijfsinformatie prijsgeeft tussen neus en lippen door in een chatsessie. Vaak zal dit geen kwade opzet zijn, maar simpelweg onnadenkendheid.
Bij het schrijven van dit stukje ben ik ook gebonden aan een gedragscode. Ik schrijf dit immers als advocaat-werknemer namens mijn werkgever Van der Steenhoven advocaten. Dit gegeven beperkt mijn artistieke vrijheid. Het weerhoudt mij ervan in geuren en kleuren op te schrijven wat ik vind van bijvoorbeeld Yolanthe. Ik kan alleen maar zeggen dat ik waarschijnlijk hetzelfde van haar vind als Jan Smit, zijn moeder, Johan Derksen en u. De in de inleiding genoemde lelijke woorden van Eljero Elia en van Cohen en Oudkerk schrijf ik ook maar niet op. Verder voel ik mij op grond van genoemde gedragscode nog gehouden om volstrekt uit het niets het volgende op te schrijven: advocaat, wet, procedure, beslag, arbeidsrecht. Dit vergroot mogelijk het aantal hits op onze website via Google en daarmee de kans dat u mijn stukje leest. Bovendien doe ik hiermee een poging tot humor. Humor hoort volgens mij thuis in een column en vergroot de kans dat u deze leest. Ik pleit ervoor dat dit ook wordt opgenomen in onze genoemde gedragscode.
Rutger Loos, loos@vandersteenhoven.nl






