Door: Peter van der Linden op 11 oktober 2010
Staatssteun aan betaald voetbal: Wanneer mag de gemeente als 12e man in actie komen?
Afgelopen week hebben de wethouders van 33 gemeenten met een betaald voetbal organisatie (BVO) samen met de KNVB gesproken over financiële ondersteuning van een BVO door de gemeente. Aanleiding is de algehele financiële malaise binnen de sector betaald voetbal. Veel clubs staat het water aan de lippen. In de Eerste Divisie zijn 7 clubs met minpunten aan de competitie begonnen omdat zij hun financiën niet op orde hadden. Ook NAC Breda is om die reden dit seizoen met een minpunt begonnen. Vaak springt de gemeente, in geval van nood, als 12e man bij en steunt daarmee de "lokale trots". Maar mag de gemeente dit wel doen? Hierna geef ik kort de regels die gelden bij staatssteun, vervolgens een overzicht van staatssteun zoals die in het verleden is gegeven en tot slot voorbeelden van steun die wel door de beugel kunnen op grond van de Europese en Nederlandse wetgeving.
Of er sprake is van staatssteun, wordt beoordeeld aan de hand van vijf criteria:
- 1) Er moet sprake zijn van steun verleend door de overheid;
- 2) Het moet gaan om een voordeel aan een onderneming;
- 3) Het moet gaan om een selectief voordeel;
- 4) Het voordeel moet de mededinging vervalsen of dreigen te vervalsen;
- 5) Het voordeel moet een effect op het handelsverkeer tussen lidstaten hebben.
De Europese Commissie is van mening dat BVO's professionele ondernemingen zijn die economische activiteiten ontplooien. Er is sprake van staatssteun indien aan alle vijf criteria is voldaan. Het is de taak van de Commissie te beoordelen of er sprake is van een verstoring of dreigende verstoring van de mededinging en zo ja, of er een effect op het handelsverkeer tussen de lidstaten is. Vooral het laatste criterium levert veel stof tot discussie op. Clubs uit de Jupiler League zijn van mening dat zij zich niet op de Europese markt begeven. Europees voetbal halen lijkt een onmogelijke opgave. Tegen deze opvatting valt in te brengen dat onder het handelsverkeer ook de spelersmarkt kan worden geschaard. En deze is in (bijna) alle gevallen internationaal.
Indien een gemeente voornemens is om een club financieel te ondersteunen, dient zij de voorgenomen steunmaatregel aan de Commissie te melden, teneinde de Commissie in staat te stellen te beoordelen of de steunmaatregel verenigbaar met de Europese wetgeving geacht kan worden. In de praktijk is dit tot op heden nog nooit gebeurd! Echter, steun die niet wordt aangemeld, is per definitie onrechtmatig. Burgers of concurrerende clubs kunnen een klacht indienen bij de Commissie indien er steun wordt verleend zonder aanmelding. In de praktijk gebeurt dit zelden tot nooit. Clubs hebben elkaar nodig, zowel nationaal als internationaal, en zijn niet gebaat bij het verlies van een andere club.
Toch zorgt steunverlening voor oneerlijke concurrentie. Een vergelijking tussen NAC Breda en HFC Haarlem geeft dit het beste weer. De gemeente Breda kocht in 1980 het stadion van NAC voor enkele miljoenen guldens. In 1989 verkocht de gemeente het stadion voor 1 gulden. In 1996 kocht de gemeente het stadion weer terug voor 6 miljoen gulden. Met dit geld kon NAC een nieuw stadion bouwen. Door financiële problemen kocht de gemeente Breda op 23 januari 2003 het stadion voor 15 miljoen euro terug. Hoe anders verging het vorig jaar HFC Haarlem. Zij kregen geen steun van de gemeente, vonden geen andere geldschieters en gingen failliet. Begrijpt u het nog?
Steun kan op verschillende manieren worden gegeven. We onderscheiden de:
- - Gift
- - Lening
- - Garantiestelling
- - Financiële bijdrage van de gemeente met tegenprestatie
In 2003 heeft KPMG onderzoek gedaan naar de bedragen die gemoeid waren met deze vormen van steun in de periode 1993-2003. In totaal was er ruim € 306.300.000 aan steun verleend. Alle gemeenten, op Eindhoven na, hadden financiële steun verleend. Nederland is voor dit handelen op de vingers getikt door de Europese Commissie. De Commissie heeft in de brief aan de Nederlandse regering kenbaar gemaakt dat dergelijke steun, zonder melding, onrechtmatig is en zij dreigde met sancties.
De Commissie gaf twee vormen van steun die wel zijn toegestaan:
- 1) Financiële steun ten behoeve van een voetbalstadion onder bepaalde voorwaarden;
- 2) Financiële steun ten behoeve van schoolonderwijs aan jongeren gecombineerd met sporttraining.
De eerste vorm is steun aan een stadion. Dit komt in de praktijk veel voor. De Commissie heeft daar een aantal voorwaarden aan verbonden.
- - Het stadion dient een multifunctioneel karakter te hebben. Denk daarbij aan het Gelredome, stadion van Vitesse. Het stadion wordt ook gebruikt voor concerten, tenniswedstrijden, beurzen etc.
- - Ingeval van verhuur (club huurt het stadion van de gemeente) dient aan elke gebruiker een gepaste vergoeding gevraagd te worden. Recentelijk ging RKC Waalwijk hier de fout in. Zij hadden een huurachterstand van enkele miljoenen euro's. Vervolgens heeft de hoofdsponsor de helft betaald onder de voorwaarde dat de gemeente de andere helft kwijtscheld. Dit is gebeurd en daarmee is RKC (voorlopig) gered.
De tweede vorm is steun ten behoeve van de opleiding van jongeren. Deze vormt van steun ziet dan met name op steun aan schoolonderwijs. Dat schoolonderwijs wordt gekoppeld aan sporttraining voor jongeren. Deze nuance is essentieel. Veel clubs hebben een jeugdopleiding die losstaat van de schoolopleiding. Volgens de Commissie is de steun alleen geoorloofd indien deze hoofdzakelijk gericht is op schoolonderwijs voor jongeren.
Naast deze twee vormen zijn er nog een drietal mogelijkheden voor gemeenten om een club te ondersteunen. De eerste betreft zogenaamde "de-minimis" steun. Dit is financiële steun, gemaximeerd tot een bedrag van € 100.000 over minimaal drie jaar. Het bedrag dat een gemeente jaarlijks mag "sponsoren" is dus erg laag en vult nooit de gaten in een begroting. De tweede mogelijkheid betreft sponsoring in verband met regio/citymarketing. Denk aan het koppelen van de naam van de gemeente aan de club. NAC heet tegenwoordig NAC BREDA. Hetzelfde geldt voor RODA JC Kerkrade, VVV-Venlo, RBC-Roosendaal. Tegen het opnemen van de naam van de gemeente staat een financiële vergoeding. De hoogte daarvan is moeilijk objectief vast te stellen. Wel vormt de naam in het geval van bijvoorbeeld VVV een vreemde combinatie. VVV staat voor Venlose Voetbal Vereniging. Met de toevoeging wordt dit Venlose Voetbal Vereniging Venlo. De laatste mogelijkheid van een gemeente bestaat uit het vergoeden van deelname van een club aan maatschappelijke projecten. Ook hier is de marktconforme hoogte van de vergoeding lastig te bepalen. In de praktijk wordt deze variant vaak gebruikt ter legitimatie van de steun.
Zoals u ziet gaan er enorme bedragen om de bedrijfssector betaald voetbal die worden betaald door de gemeente. Duidelijke regels zijn er (nog) niet. Er ligt een schone taak voor de EU alsmede voor de Nederlandse overheid om hier, zeker gezien de huidige economische situatie en de enorme salarissen die worden betaald, kritisch naar te kijken en een uniform beleid op te stellen en dit te controleren. Laat de bijeenkomst van afgelopen week de voorbode zijn van een betere toekomst voor het betaalde voetbal.
Peter van der Linden, vanderlinden@vandersteenhoven.nl
Overzicht van bijdragen van deze week...
- RBC Roosendaal roept hulp gemeente in (donderdag 14 oktober 2010)
- Gemeente Tilburg komt als 12e man in actie voor Willem II (dinsdag 12 oktober 2010)
- Staatssteun aan betaald voetbal: Wanneer mag de gemeente als 12e man in actie komen? (maandag 11 oktober 2010)






