Aanpassing Aanbevelingen van de Kring van Kantonrechters (kantonrechtersformule)
31 oktober 2008
Hieronder volgt een samenvatting van de belangrijkste voorgestelde veranderingen.
Berekening dienstjaren
De eerste verandering ziet op de leeftijdstaffel bij de berekening van het aantal dienstjaren. Tot nu toe telden de dienstjaren van een werknemer tot de leeftijd van 40 jaar voor 1, van 40 tot 50 jaar voor 1,5 en vanaf 50 jaar voor 2. In de nieuwe kantonrechtersformule wordt de staffel uitgebreid, waarbij de dienstjaren tot de leeftijd van 35 jaar tellen voor 0,5, van 35 tot 45 jaar voor 1, van 45 tot 55 jaar voor 1,5 en vanaf 55 jaar voor 2. De achtergrond voor deze aanpassing is de verbeterde arbeidsmarktpositie van jongeren enerzijds en behoud van de bescherming van de oudere werknemers anderzijds.
Arbeidsmarktpositie en financiële positie
De kantonrechters hebben aangekondigd dat zij in de toekomst bij de bepaling van de hoogte van de vergoeding meer aandacht zullen hebben voor de arbeidsmarktpositie van de werknemer en de financiële positie van de werkgever.
Zo zal een werknemer die door zijn werkgever in staat is gesteld om zijn kennis bij te houden en uit te breiden door middel van bijvoorbeeld opleiding, een stevigere positie op de arbeidsmarkt hebben. Hij zal daarom minder financiële bescherming behoeven. Ook een werknemer in een branche met een groot gebrek aan personeel zal minder bescherming nodig hebben dan een werknemer in een sector waarin veel werkloosheid heerst.
De kantonrechters zullen daarnaast meer rekening houden met de (slechte) financiële positie van een werkgever, indien deze werkgever met jaarstukken en onderbouwde prognoses kan aantonen dat een volgens de formule berekende vergoeding voor hem onbetaalbaar is.
De oudere werknemers
De derde verandering betreft de werknemer voor wie het pensioen nadert. In de huidige aanbeveling staat dat de vergoeding niet hoger zal zijn dan de verwachte inkomensderving tot aan de pensioengerechtigde leeftijd. Dit laatste begrip is moeilijk werkbaar geworden, omdat de pensioengerechtigde leeftijd niet altijd meer de leeftijd van 65 jaar is. In de nieuwe formule zal daarom worden uitgegaan van de leeftijd waarop de werknemer naar verwachting met pensioen was gegaan, indien de ontbinding er niet tussendoor was gekomen.
Arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd
De vierde verandering betreft de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. Voor de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd die binnen 2 jaar wordt ontbonden, komt een aparte regeling in de formule. Bevat de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd geen tussentijdse opzegmogelijkheid, dan zal de vergoeding in beginsel gelijk zijn aan het salaris over de resterende tijd van de arbeidsovereenkomst. In de andere gevallen geldt de normale regeling van de kantonrechtersformule.
Wat betekent dit concreet?
De kantonrechters hebben aangegeven dat ze van plan zijn om vanaf 1 januari 2009 de aangepaste formule te hanteren. Het is niet duidelijk of de kantonrechters hierop zullen anticiperen door nu al gebruik te maken van de nieuwe kantonrechtersformule. Wellicht dat u bij eventuele onderhandelingen over een beëindigingsregeling al wel gebruik kunt maken van de nieuwe formule, zeker als de beoogde einddatum van de arbeidsovereenkomst gelegen is na 1 januari 2009.
Wij raden u in ieder geval aan om bij het aangaan van arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd een tussentijds opzegbeding op te nemen. Zo voorkomt u dat in het geval u - wellicht met instemming van beide partijen - afscheid wilt nemen van een werknemer met een contract voor bepaalde tijd, u de resterende contractsduur moet uitbetalen als vergoeding.
Meer informatie?
Neem contact op met één van onze arbeidsrechtadvocaten Ester Kalis, Matthijs Bos, Marcin Lewandowski, Eugenie Ágoston, Maartje van Asten, Rutger Loos, Yvonne Raymakers, Emilie van der Lans, Peter van der Linden of Anne Martine de Jong via nieuwsbrief@vandersteenhoven.nl.






