artikel

artikel

Ruby Nefkens, 12 juli 2021

Gebruik foto’s werknemers voor marketingdoeleinden
Veel bedrijven plaatsen foto’s van werknemers op hun website, vragen hen op LinkedIn een account aan te maken als PR voor het bedrijf, of vragen hen te poseren voor een reclamebrochure. Het zorgt voor herkenning bij klanten en relaties; zij zien in één oogopslag met wie zij contact hebben. Dit was ook het geval bij een werkneemster van Meubelhallen Kolham. Zij verleende in 2017 haar medewerking aan een fotoshoot voor een reclamebrochure, die ca. 8 keer per jaar verscheen. Na ontslagname is ze in 2018 gaan werken voor een concurrerend bedrijf. Desondanks gebruikte Meubelhallen Kolham nog één foto van haar in de brochure van 2019. 

De inmiddels ex-werkneemster protesteerde daartegen en gaf aan dat dit strijdig was met haar portretrecht en vroeg een schadevergoeding van € 7.000, =.

Meubelhallen Kolham gaf aan dat de foto per ongeluk was gebruikt en zegde toe geen gebruik meer van haar foto te zullen maken. De foto werd uit de brochure op de website verwijderd, maar Meubelhallen Kolham betaalde geen schadevergoeding. De ex-werkneemster stapte vervolgens naar de rechter.

Ik zal hierna eerst kort ingaan op het portretrecht en daarna op de rechtszaak.                               

Wat is een portret?
Er is sprake van een portret wanneer iemand herkenbaar wordt afgebeeld. Daarbij spelen niet alleen de gelaatstrekken een rol, maar ook een eventueel kenmerkende lichaamshouding. Van een portret kan onder omstandigheden zelfs sprake zijn wanneer het gelaat onherkenbaar is gemaakt. De identiteit van een persoon kan namelijk ook blijken uit ‘hetgeen de afbeelding overigens toont’. Voldoende is dat geportretteerde mogelijk herkenbaar is door personen die de geportretteerde kennen. Ook een tekening of een karikatuur kan een portret zijn.  

Portretrecht 
Het portretrecht houdt in dat een geportretteerde zich kan verzetten tegen de publicatie van een portret als zij/hij hiervoor een redelijk belang heeft. Dat belang kan bijvoorbeeld te maken hebben met de bescherming van haar/zijn privacy of de bescherming van haar/zijn reputatie of goede naam. Toestemming voor het gebruik van het portret houdt in beginsel afstand in van portretrecht.

Rechtszaak 
In het geschil tussen de ex-werkneemster en meubelhallen Kolham deed de rechter op 3 november 2020 uitspraak. De ex-werkneemster beriep zich op haar redelijk belang om niet meer in een reclamebrochure van Meubelhallen Kolham te staan, omdat zij inmiddels werkzaam was bij een concurrent en niet meer geassocieerd wilde worden met haar ex-werkgever. Meubelhallen Kolham stelde dat het voor de voormalig werkneemster duidelijk was waar de fotoshoot destijds voor diende en dat van de foto’s ook herhaald gebruik zou worden gemaakt. Zij zou afstand hebben gedaan van haar portretrecht. Dat de ex-werkneemster inmiddels niet meer werkzaam zou zijn bij Meubelhallen Kolham, maakte daarbij geen verschil. Ook betwistte Meubelhallen Kolham een schadevergoeding verschuldigd te zijn.

De rechter ging niet in het verweer mee en stelde de ex-werkneemster gedeeltelijk in het gelijk. Volgens de rechter mocht Meubelhallen Kolham er niet zomaar van uitgaan dat de ex-werkneemster volledig afstand had gedaan van haar portretrecht, maar was het in dit geval noodzakelijk om te verifiëren of zij ook na uitdiensttreding nog kon instemmen met het gebruik van haar foto. Door dat na te laten, is haar portretrecht geschonden. 

Hierdoor staat het onrechtmatig handelen van Meubelhallen Kolham vast en moet zij ook een vergoeding betalen. De gevraagde vergoeding vindt de rechter echter te hoog. Gelet op het beperkte gebruik van de foto en alle omstandigheden wijst de rechter een vergoeding van € 500, = toe.

Privacyrecht
De ex-werkneemster heeft nog een ander recht, waar ze in deze zaak geen beroep op heeft gedaan, en dat is het privacyrecht. Wanneer een persoon op een portret identificeerbaar is, is er namelijk sprake van een persoonsgegeven in de zin van de AVG. Portretten zijn in principe bijzondere persoonsgegevens, omdat er ras of etniciteit uit af te leiden valt. Voor de verwerking daarvan gelden strenge regels. De uitspraak van de rechter zou ook bij een privacyrechtelijke toets dezelfde uitkomst hebben. Het betreft hier geen professioneel model en zij is niet betaald voor de fotoshoot.  De werkgever heeft daarom geen doorslaggevend belang om de foto van de ex-werkneemster te blijven gebruiken, nadat zij bij de concurrent in dienst is getreden. Het belang van de ex-werkneemster is hier doorslaggevend.

Conclusie
Als werkgever is het dus belangrijk om rekening te houden met de rechten van werknemers bij het gebruik van foto’s van werknemers, vooral na uitdiensttreding. Als een werknemer vrijwillig meewerkt aan marketingfoto’s, dan kan dat betekenen dat de werkgever bij het stoppen van het dienstverband ook moet stoppen met het gebruik van de foto’s, tenzij de werkgever na afloop van het dienstverband daarover afspraken met de werknemer maakt.

Artikel van Ruby Nefkens voor Interior Business Magazine.

Ruby Nefkens
nefkens@vandersteenhoven.nl
+31 (0)6 43 36 80 63

 

Contact opnemen met ons?
 

  +31 (0)20 607 79 79
 

  mail@vandersteenhoven.nl