de week van

de week van

NIcole Stalma, 10 april 2017

“Twee keer ontslag op staande voet om dezelfde reden is geen dringende reden”
Uitspraken over rechtszaken na een ontslag op staande voet lees ik altijd met belangstelling. U begrijpt dat ik in een zaak waarin een werkgever twee keer tot ontslag op staande voet was overgegaan helemaal op het puntje van m’n stoel zat. Wat speelde er?

Na een kritische brief over haar werkomstandigheden besloot werkgever om werkneemster op non-actief te stellen en haar de toegang tot de systemen te ontzeggen, waaronder ook de toegang tot haar werkrooster. Een aantal dagen later heeft werkgever werkneemster per e-mail opgeroepen om de volgende dag weer aan de slag te gaan. Werkneemster verschijnt niet, waarop werkgever nog een oproep per e-mail stuurt. Weer komt werkneemster niet opdagen. Werkgever is het beu en ontslaat werkneemster op staande voet.

De gemachtigde van werkneemster reageert op de ontslagbrief en voert als verweer dat werkneemster de e-mails van werkgever nooit heeft ontvangen. Werkgever besluit daarop om werkneemster nog een laatste kans te geven. Opgemerkt wordt dat indien werkneemster de volgende dag op tijd op het werk verschijnt, het ontslag op staande voet wordt ingetrokken. Verschijnt werkneemster niet of niet tijdig, dan blijft het ontslag op staande voet gehandhaafd. En voor zover het eerste ontslag op staande voet geen stand houdt, wordt werkneemster dan alsnog op staande voet ontslagen. Werkneemster verschijnt niet en werkgever handelt conform aankondiging.

De zaak komt bij de rechter en die oordeelt als volgt. Door werkneemster alsnog de kans te geven haar werk te hervatten, is de dringende reden (voor zover die er zou zijn) aan het eerste ontslag op staande voet ontnomen. Een voorwaardelijke intrekking van een ontslag op staande voet wordt door de rechter in strijd geacht met het karakter van het ontslag op staande voet. Daarmee is het eerste ontslag ongeldig.

Dan het tweede ontslag op staande voet. Daarvoor geldt dat aan de omstandigheden die hebben geleid tot het eerste ontslag op staande voet geen waarde wordt gehecht, onder meer omdat wordt aangenomen dat de eerdere oproepen om het werk te hervatten niet door de werkneemster zijn ontvangen. Slechts de omstandigheden ná het verlenen van het eerste ontslag worden relevant geacht voor de rechterlijke toetsing van het tweede ontslag. Voor het niet verschijnen heeft werkneemster het verweer gevoerd dat zij met vakantie was. Dit heeft haar gemachtigde ook direct na ontvangst van de oproep tot werkhervatting laten weten. Onder die omstandigheden komt de rechter tot het oordeel dat het tweede ontslag op staande voet onterecht is gegeven. Werkgever wordt veroordeeld tot doorbetaling van het salaris en tot het betalen van een billijke vergoeding.

Een zure en dure uitspraak voor de werkgever, maar de uitkomst verbaast mij niet. In de regel wordt geen dringende reden aangenomen indien de werkgever na een ontslag op staande voet de mogelijkheid biedt om de arbeidsovereenkomst (toch) voort te zetten. Nu aan het tweede ontslag ongeveer dezelfde feiten ten grondslag liggen, komt het mij logisch voor dat ook dit ontslag wordt vernietigd. Het is dan ook raadzaam om vóórdat tot een ontslag op staande voet wordt overgegaan, een goede afweging te maken van de kansen en eventuele andere mogelijkheden.

Heeft u vragen over deze zaak of een (dreigend) ontslag op staande voet? Neem dan gerust contact op.

Fijne week!

Nicole Stalma
stalma@vandersteenhoven.nl
+31 6 43 36 80 54

 

Contact opnemen met ons?
 

  +31 (0)20 607 79 79
 

  mail@vandersteenhoven.nl